Vinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo SliderVinaora Nivo Slider

Extra

Jakobskruiskruid-vergiftiging door huidopname, feit of fabel?


Door: Esther Hegt enDr. Pieter B. Pelser ( University of Canterbury- Biological Sciences, Christchurch, New Zealand)

Op verschillende websites (1) en via andere media (2) (3) (4) wordt bericht dat de giftige stoffen in Jakobskruiskruid (pyrrolizidine alkaloïden) via de huid opgenomen kunnen worden en dat huidcontact met Jakobskruiskruid-planten dus vermeden moet worden. Om er achter te komen of deze informatie juist is, zijn we naar de oorspronkelijke bron op zoek gegaan. Tot op heden hebben we de berichtgeving over vergiftiging via de huid kunnen herleiden tot twee bronnen.

1) Paragraaf 4.1.1 in een rapport van de World Health Organization in 1988 (5). In dit rapport wordt wat betreft de opname van pyrrolizidine alkaloïden via de huid verwezen naar een artikel van Brauchli en collega’s (6). Deze wetenschappers schrijven dat uit toxicologisch onderzoek aan ratten is gebleken dat pyrrolizidine alkaloïden uit de wortels van Smeerwortel (Symphytum officinale, Boraginaceae) via de huid opgenomen kunnen worden. De hoeveelheid pyrrolizidine alkaloïden die op deze manier opgenomen wordt lijkt echter veel lager te zijn dan bij orale inname. In de urine van de ratten werd er een 20 tot 50 keer lagere uitscheiding van pyrrolizidine alkaloïden waargenomen dan bij orale toediening gemeten werd. Zolang de plant nog niet is gegeten bevinden pyrrolizidine alkaloïden zich in hun N-oxide vorm en zijn dan niet giftig. Als de plant gegeten wordt, dan worden de pyrrolizidine alkaloïden in deze vorm met name in de dunne darm omgezet in vrije alkaloïden die wel giftig zijn en de lever aan kunnen tasten. In de studie van Brauchli et al. (1982) werd er vastgesteld dat pyrrolizidine alkaloïden die via de huid opgenomen werden niet of nauwelijks werden omgezet in vrije alkaloïden. We hebben geen recentere wetenschappelijke artikelen over dit onderwerp kunnen vinden.

2) Berichtgeving via internet door Dr. Knottenbelt (Liverpool University). Deze dierenarts wordt op internet regelmatig aangehaald, omdat hij tijdens een debat van de House of Commons heeft gezegd dat de giftige stoffen in Jakobskruiskruid vrijwel zeker door de huid opgenomen kunnen worden (7). Naar aanleiding hiervan hebben wij contact met Dr. Knottenbelt opgenomen. Per email berichtte hij ons dat er geen wetenschappelijk bewijs voor zijn uitspraken is. Hij schreef dat hij zelf leverschade ondervonden heeft na het handmatig verwijderen van Jakobskruiskruid planten. De resultaten van dit ‘experiment’ zijn echter niet gepubliceerd en naar onze mening ook niet middels een goede wetenschappelijke proefopzet verkregen.

Uit ons onderzoek naar de bronnen achter de berichtgeving dat het gevaarlijk is om Jakobskruiskruid aan te raken, concluderen wij dat er geen concrete aanwijzingen zijn dat er een gezondheidsrisico voor mensen bestaat. De hoeveelheid pyrrolizidine alkaloïden die eventueel opgenomen zou kunnen worden d.m.v. huidcontact is zeer laag en er is geen bewijs dat deze alkaloïden omgezet worden in een giftige vorm. Jakobskruiskruid kan bij huidcontact echter wel een allergische reactie geven: compositae dermatitis.(8). Deze allergie treedt op na huidcontact of na het eten van de planten. De allergie wordt niet veroorzaakt door de pyrrolizidine alkaloiden, maar door andere stoffen die in veel soorten van de composietenfamilie voorkomen (sesquiterpene lactonen) (9).

Bronvermeldingen

(1) Ragwort-UK Ltd Educational site
(2) Yorkshire Dales Country News - 2006 Ragwort poisoning alert
(3) Nieuwsblad België-Jakobskruiskruid kan dodelijk zijn
(4) DEFRA Advice on handling ragwort
(5) World Health Organisation. 1988. Environmental health criteria for Pyrrolizidine alkaloids. Published under the joint sponsorship of the United
Nations Environment Programme and the World Health Organization. Geneva.
(6) Brauchli J., J. Luthy, U. Zweifel & C. Schlatter. 1982. Pyrrolizidine alkaloids from Symphytum officinale L. and their percutaneous absorption in
rats. Experientia (Basel) 38: 1085-1087.
(7) Knottenbelt, D., House of Commons 25 Jul 2000 : Column 1089
(8) Gordon, L. A. 1999. Compositae dermatitis. Australas. J. Dermatol. 40: 123-128.
(9) Warshaw, E. M. & K. A Zug. 1996. Sesquiterpene lactone allergy. Am. J. Contact. Dermat. 7: 1-23