Door: Esther Hegt en Dr. Pieter B. Pelser ( University of Canterbury- Biological Sciences, Christchurch, New Zealand) 2006
Deze pagina is in februari 2026 herzien en waar nodig geactualiseerd.
Jakobskruiskruid en alle andere in Nederland voorkomende kruiskruiden bevatten inhoudsstoffen die bij inname giftig zijn voor de meeste gewervelde dieren. Deze stoffen heten pyrrolizidine alkaloïden. De pyrrolizidine alkaloïden die kruiskruiden bevatten worden na inname al na 24 tot 48 uur uitgescheiden (Schramm, S. et al, 2019) en hopen zich dus niet in het lichaam op, zoals soms gedacht wordt (Fu P.P, et al 2004). Toch kunnen pyrrolizidine alkaloïden in de korte tijd dat ze in een lichaam aanwezig zijn de gezondheid van een dier aantasten. Pyrrolizidine alkaloïden zijn in de vorm waarin ze zich in de plant bevinden in principe niet giftig voor dieren, maar kunnen na inname door chemische processen in de dunne darm en de lever omgezet worden in een vorm die vooral de lever kan beschadigen, maar ook in mindere mate de nieren en longen (Chojkier, 2003) Kruiskruidvergiftiging kan uiteindelijk de dood als gevolg hebben, maar kan één hapje al kwaad? Het antwoord op deze vraag hangt af van hoe je ‘kwaad’ definieert.
Eén hapje Jakobskruiskruid kan er al ervoor zorgen dat levercellen afsterven. Hierdoor kan herhaalde opname van de giftige stoffen de lever zo beschadigen dat deze niet meer optimaal kan functioneren. Dit heeft de verschijnselen van een leverziekte als gevolg en kan uiteindelijk tot de dood leiden. (Fu P.P et al, 2004) (Chojkier, 2003) (Cortinovis, 2015) Er zijn geen precieze gegevens beschikbaar over de toxische en dodelijke dosis van PA’s, er wordt geschreven dat een dieet waarin ± 5% kruiskruid aanwezig is op termijn al letaal kan zijn (Vos, 2002). Deze werking wordt ‘cumulatief’ genoemd: elk hapje telt en brengt de dood een stap dichterbij. Hoewel kruiskruidvergiftiging de lever dus op een onomkeerbare manier kan beschadigen, is het effect van deze beschadiging op de gezondheid van een dier niet altijd onomkeerbaar. (Lanux-Van Gorder, 2000) (Lessard, 1968) Tot op zekere hoogte kan de functie van de afgestorven lever cellen namelijk overgenomen worden door andere levercellen. (Czaja, 1998) Als de aangebrachte schade echter te groot is, dan is dit niet meer mogelijk en als de levercapaciteit met 50-70% is afgenomen ontstaan er verschijnselen van leverziekte. (Bildfell, 2022) Het is dus erg belangrijk om een goed beeld te krijgen van hoe hoog de drempel ligt. Met andere woorden: hoeveel kruiskruid kan een dier eten zonder dat dit op korte of lange termijn een effect heeft op zijn gezondheid? Er is hier echter nog veel onduidelijkheid over. Er wordt bijvoorbeeld geschreven dat een hoeveelheid van 50 en 200 gram gedroogd Jakobskruiskruid per kilo lichaamsgewicht dodelijk is (Goeger, 1982) (Molyneux, 1988) ((EFSA), 2007) voor een paard maar het is niet duidelijk over welke termijn deze inname plaats moet vinden om letaal te zijn.
Conclusie: Kan één hapje kruiskruid al kwaad? Ja, het kan de lever beschadigen. Heeft één hapje kruiskruid een effect op de gezondheid van een dier? Nee, tenzij dit frequent over een langere termijn plaatsvindt.
Verwijzingen
(EFSA), European Food Safety Authority. (2007). Opinion of the Scientific Panel on contaminants in the food chain on a request from the European Commission related to pyrrolizidine alkaloids as undesirable substances in animal feed. EFSA Journal, 5, pp. 447, 1–51. https://doi.org/10.2903/j.efsa.2007.447
Bildfell, R. (2022). Pyrrolizidine alkaloidosis in animals. (I. Merck & Co., Producent) Opgehaald van MSD Veterinary Manual.
Chojkier, M. (2003). Hepatic sinusoidal-obstruction syndrome: Toxicity of pyrrolizidine alkaloids. Journal of Hepatology(39(3)), pp. 437–446. https://doi.org/10.1016/S0168-8278(03)00231-9
Cortinovis, C. &. (2015). Alkaloid‑Containing Plants Poisonous to Cattle and Horses in Europe. Toxins, 7(12), 5301–5307. doi: https://doi.org/10.3390/toxins7124884
Czaja, M. (1998). Liver growth and repair. London: Chapman & Hall ( ISBN: 0412 71260 ).
Fu, P. P., Xia, Q., Lin, G., & Chou, M. W. (2004). Pyrrolizidine alkaloids — Genotoxicity, metabolism enzymes, metabolic activation, and mechanisms. Drug Metabolism Reviews(36 (1)), pp. 1–55. https://doi.org/10.1081/DMR-120028426
Goeger, D. E. (1982). Toxicity of tansy ragwort (Senecio jacobaea) to goats. American Journal of Veterinary Research(43(2)), pp. 252–254.
Lanux-Van Gorder, V. (2000). Tansy ragwort poisoning in a horse in southern Ontario. Canadian Veterinary Journal(41(5)).
Lessard, P. W. (1968). Clinicopathologic study of horses surviving pyrrolizidine alkaloid (Senecio vulgaris) toxicosis. American Journal of Veterinary Research(47), pp. 1776–1780.
Molyneux, R. J. (1988). Delayed manifestation of Senecio-induced pyrrolizidine alkaloidosis in cattle: Case reports. Veterinary and Human Toxicology(30), pp. 201–205.
Schramm, S., Köhler, N., & Rozhon, W. (2019). Pyrrolizidine alkaloids: biosynthesis, biological activities and occurrence in crop plants. Molecules, 24(3), p. 498. doi:https://doi.org/10.3390/molecules24030498
Vos, J. H.-S. (2002). Jacobskruiskruid: Bedrieglijke schoonheid. Tijdschrift voor Diergeneeskunde(127), pp. 753–756.
